In december 2013 heeft de gemeente besloten het accommodatiebeleid te veranderen. De aanleiding voor deze verandering was ingegeven door de volgende factoren:
Gebouwen verouderen technisch, waardoor relatief steeds meer geld nodig is om deze te onderhouden. Ook in functioneel opzicht treedt veroudering op als gevolg van veranderingen in de vraag. Om vraag en aanbod op elkaar te laten aansluiten, dient periodiek een wijziging van de gebouwenvoorraad plaats te vinden.
Vergrijzing en ontgroening hebben hun effecten op de vraag naar maatschappelijke accommodaties. Denk bijvoorbeeld aan terugloop van leerlingenaantallen.
‘Vastgoedbubble’ is het verschijnsel dat gemeenten in hun begroting niet vanzelfsprekend rekening houden met reserveringen voor het vernieuwen van vastgoed. Risico is dat gebouwen in dat geval zijn afgeschreven, zonder dat reserveringen zijn gedaan voor de vervanging.
Iedere gemeente heeft als gevolg van de economische situatie te maken met een terugval in inkomsten. Dit leidt ook bij het maatschappelijk vastgoed tot een kritische benadering van baten en lasten. Deze factoren hebben erin geresulteerd dat de gemeente een aantal nieuwe criteria voor het accommodatiebeleid heeft vastgesteld. De belangrijkste daarvan zijn:
Alleen wanneer vanuit behoefte, kwaliteit en gezonde exploitatie een basis bestaat voor instandhouding/vernieuwing van accommodaties heeft de gemeente een rol.
In het ‘oude’ accommodatiebeleid zijn relatief veel accommodaties aangemerkt als ‘basisaccommodaties’ voor iedere kern. Het ging hierbij om de accommodaties voor basisonderwijs, gym, buitenschoolse opvang, peuterspeelzaal, buitensport en ontmoeting. In het ‘vernieuwde’ accommodatiebeleid worden geen basisaccommodaties meer aangemerkt, maar bij iedere investering in accommodaties wordt kritisch gekeken naar hetgeen wat vanuit behoefte, kwaliteit en exploitatie verantwoord is.
Eigendom, beheer, onderhoud en exploitatie zijn divers geregeld, met in wisselende mate een rol van de gemeente Lochem versus het maatschappelijk veld. Deze situatie is veelal historisch zo gegroeid en is niet eenduidig en transparant. Naar de toekomst wordt gestreefd naar meer uniformiteit, met het oog op gelijkheid richting partijen en efficiëntie in de uitvoering van taken (grotere volumes). Wat betreft de positionering van vastgoedtaken is het uitgangspunt het volgende:
Binnen de op te stellen uitvoeringsplannen voor onderwijs en voorschool, sport, welzijn en cultuur wordt zoveel als mogelijk gestreefd naar budgetneutraliteit. Dit impliceert dat de investeringen in de vernieuwing (renovatie, uitbreiding, nieuwbouw) zoveel als mogelijk (als het verantwoord is) worden gefinancierd met de besparingen die zijn behaald.
Toepassing van de vernieuwde kaders voor het accommodatiebeleid betekent dat de gemeente op grond van haar wettelijke plicht alleen verantwoordelijkheid draagt voor de huisvesting voor:
Website door SYGIT